Persmededeling van het College van Procureurs-generaal over de gerechtelijke afhandeling van, enerzijds, de gevallen waarin er geweld werd gebruikt tegen de politiediensten, en, anderzijds, de gevallen waarin de politiediensten zelf geweld gebruikten

Het College van Procureurs-generaal heeft op donderdag 23 november 2017 een nieuwe omzendbrief goedgekeurd die bestaat uit twee luiken: het eerste luik heeft betrekking op de gerechtelijke afhandeling van de dossiers waarin de politiediensten slachtoffer van geweld werden, het tweede luik op de gevallen waarbij de politiediensten zelf geweld gebruikten met de dood of een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit tot gevolg.

In het kader van de uitvoering van hun opdrachten, waarvan de bescherming van de maatschappij de hoeksteen is, worden de politiediensten vaak geconfronteerd met ernstig fysiek geweld, waarvan ze soms het slachtoffer kunnen zijn. Dit geweld ten aanzien van de politie is onaanvaardbaar. Volgens het College moet er bijgevolg opgetreden worden tegen met dit type feiten door een gerechtelijk, snel, evenredig, doeltreffend en ontradend signaal te geven aan de daders ervan, die immers niet het gevoel mogen krijgen dat hun daden onbestraft blijven.

Wanneer een lid van de politiediensten geweld moet gebruiken dat fysieke letsels of zelfs het overlijden van een persoon met zich brengt, dan stuit het daaropvolgende onderzoek vaak op onbegrip bij zowel de betrokkene zelf als diens collega’s. Dit gevoel van onrechtvaardigheid is begrijpelijk, maar het Openbaar Ministerie moet nu eenmaal nagaan of het geweld én de soms dramatische gevolgen ervan al dan niet verantwoord waren door de omstandigheden waarin ertoe werd overgegaan. Het is de bedoeling van de omzendbrief om te verzekeren dat dit onderzoek uniform zal verlopen.

In de omzendbrief wordt bepaald dat er een referentiemagistraat per parket-generaal zal worden aangesteld, die zal toezien op de naleving en de opvolging ervan.