Archief " In de kijker"

Je vindt er educatieve informatie over de rol en de opdrachten van het Openbaar Ministerie, maar ook persmededelingen en andere informatie over de gerechtelijke entiteiten. Volg onze pagina!

04/05/2018

In de loop van september 2017 heeft het Federaal Agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten (FAGG) een anonieme klacht ontvangen over de verkoop via Facebook van het geneesmiddel ‘Brûleur Minceur’, bedoeld om gewicht te verliezen, op het Belgische grondgebied, maar ook aan verschillende andere landen binnen en buiten de Europese Unie.

Dit product wordt op Facebook valselijk beschreven als een voedingssupplement en verschillende Facebook-gebruikers hebben commentaren achtergelaten waarin ze de ongewenste bijwerkingen van dit product beschrijven.

Naar aanleiding van deze anonieme klacht heeft de procureur des Konings een onderzoeksrechter gevorderd. In het kader van dit dossier werd M. M., geboren in 1989, onder aanhoudingsbevel geplaatst. Hij wordt in verdenking gesteld van een inbreuk op de wetgeving inzake geneesmiddelen en het witwassen van geld.

Indien burgers nog beschikken over het product ‘Brûleur Minceur’, mogen ze dit in geen geval innemen. Ze dienen het naar hun apotheker te brengen zodat deze het kan vernietigen.

Indien burgers bijwerkingen ondervinden die eventueel te wijten zijn aan dit product, dienen ze contact op te nemen met hun arts en hem of haar te informeren dat het product ‘Brûleur Minceur’ een hoge dosis cafeïne bevat.

Denis GOEMAN - Woordvoerder

 

29/03/2018

Met het oog op de lancering van de Crossborderprocedure heeft het College van Procureurs-generaal op woensdag 28 maart 2018 de omzendbrief COL 11/2006 (versie 2018) goedgekeurd houdende een eenvormig beleid inzake inningen van een geldsom en het toezicht op, de vaststelling van en de opsporing van snelheidsovertredingen en de richting te geven aan de vervolging ervan.

Wat verandert er concreet voor de burger?

De Crossborderprocedure werd uitgewerkt in het kader van de omzetting naar Belgisch recht van de richtlijn 2015/413/EU van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2015 en heeft als doel om de afhandeling van de dossiers inzake verkeersovertredingen te optimaliseren. 

Buitenlandse overtreders

Deze omzendbrief stelt een einde aan de straffeloosheid van buitenlandse verkeersovertreders. Voortaan zullen buitenlanders niet langer ongestraft verkeersovertredingen kunnen begaan. Een buitenlandse burger die een verkeersovertreding begaat op de Belgische wegen zal een in de taal van zijn woonplaats vertaald proces-verbaal ontvangen en zal verplicht zijn om deze boete te betalen.

Op 28 maart zal de Crossborderprocedure enkel van toepassing zijn voor overtreders uit de buurlanden (Duitsland, Frankrijk, Nederland, en Luxemburg) en Oostenrijk, maar op termijn, naargelang de beschikbare vertalingen van de aan de buitenlandse overtreders bezorgde documenten, ook voor overtreders uit de lidstaten van de Europese Unie.

Onderdanen uit het Verenigd Koninkrijk en Ierland zullen hun documenten in het Engels ontvangen vanaf de maand mei.

Belgische overtreders

Op grond van deze omzendbrief worden belangrijke verbeteringen aangebracht aan de procedure voor verkeersovertredingen door Belgische burgers.

Eerst en vooral wordt verwacht dat de dossiers sneller worden afgehandeld door de digitalisering van het proces. Door het aanpassen van bepaalde informatica-applicaties konden duidelijke en eenvormige processen in alle parketten worden opgestart.

Ook de administratieve vereenvoudiging zal de burger ten goede komen. De overtreder zal het proces-verbaal en de boete niet meer afzonderlijk ontvangen (in het verleden ontving de burger soms de boete vóór het proces-verbaal, wat tot verwarring leidde), maar hij zal voortaan één brief met deze twee documenten krijgen.

De burger zal tot slot via de site www.verkeersboeten.be stap voor stap worden begeleid bij het betalen van de boete. Voor vragen inzake de administratieve verwerking van de dossiers kunnen de burgers terecht bij het callcenter van Bpost (via + 32 2 278 55 60).

 

 

28/03/2018

Het College van Procureurs-generaal heeft op donderdag 23 november 2017 een nieuwe omzendbrief goedgekeurd die bestaat uit twee luiken: het eerste luik heeft betrekking op de gerechtelijke afhandeling van de dossiers waarin de politiediensten slachtoffer van geweld werden, het tweede luik op de gevallen waarbij de politiediensten zelf geweld gebruikten met de dood of een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit tot gevolg.

In het kader van de uitvoering van hun opdrachten, waarvan de bescherming van de maatschappij de hoeksteen is, worden de politiediensten vaak geconfronteerd met ernstig fysiek geweld, waarvan ze soms het slachtoffer kunnen zijn. Dit geweld ten aanzien van de politie is onaanvaardbaar. Volgens het College moet er bijgevolg opgetreden worden tegen met dit type feiten door een gerechtelijk, snel, evenredig, doeltreffend en ontradend signaal te geven aan de daders ervan, die immers niet het gevoel mogen krijgen dat hun daden onbestraft blijven.

Wanneer een lid van de politiediensten geweld moet gebruiken dat fysieke letsels of zelfs het overlijden van een persoon met zich brengt, dan stuit het daaropvolgende onderzoek vaak op onbegrip bij zowel de betrokkene zelf als diens collega’s. Dit gevoel van onrechtvaardigheid is begrijpelijk, maar het Openbaar Ministerie moet nu eenmaal nagaan of het geweld én de soms dramatische gevolgen ervan al dan niet verantwoord waren door de omstandigheden waarin ertoe werd overgegaan. Het is de bedoeling van de omzendbrief om te verzekeren dat dit onderzoek uniform zal verlopen.

In de omzendbrief wordt bepaald dat er een referentiemagistraat per parket-generaal zal worden aangesteld, die zal toezien op de naleving en de opvolging ervan.

13/12/2017

Op vrijdag 1 september 2017 hebben de procureurs-generaal opnieuw naar jaarlijkse traditie hun mercuriales gehouden, waarin, voor elk ressort, de aandacht gevestigd werd op hoe recht werd gesproken en op bepaalde relevante thema’s. Ontdek hier alle mercuriales van 2017

05/09/2017

We leggen er momenteel de laatste hand aan. Wacht niet langer en ontdek het resultaat van maandenlang intensief en nauwgezet werk!

Wat veranderde er: meer complete en actuele informatie, een modern en dynamisch design, past zich aan alle types van schermen aan.

Een opmerking, een voorstel, iets dat niet werkt? Aarzel niet om ons hiervan op de hoogte te brengen en stuur een mailtje naar sdaomp.website@just.fgov.be

 

Dank je wel en veel surfplezier!

23/06/2017

Studiedag over eergerelateerd geweld van het Openbaar Ministerie in samenwerking met het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) en de vzw INTACT

Sinds verscheidene jaren wordt er zowel op internationaal niveau als in België meer aandacht geschonken aan het "eergerelateerd geweld" of de "eerwraak". Onder deze vormen van geweld vallen de vrouwelijke genitale verminkingen, de gedwongen huwelijken of de gedwongen wettelijke samenwoning.

De Verenigde Naties, de Raad van Europa, de Europese Unie (EU) en tal van Belgische studies bevelen het uitstippelen van een specifiek strafrechtelijk beleid over eergerelateerd geweld aan om tot een uniforme toepassing van het strafrecht te komen, een gevoel van straffeloosheid ten aanzien van daders te vermijden en de slachtoffers te beschermen. De specifieke aanpak van eergerelateerd geweld moet vooral gestoeld zijn op een betere kennis van het fenomeen door de personen die actief zijn op het terrein.

Het College van Procureurs-generaal en de minister van Justitie hebben daartoe een nieuwe omzendbrief van strafrechtelijk beleid goedgekeurd, waarvan de inhoud en de eraan gerelateerde uitdagingen werden toegelicht tijdens een door het openbaar ministerie georganiseerde studiedag in samenwerking met het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) en de vzw INTACT.

Op vrijdag 5 mei 2017 hebben ongeveer 150 magistraten, politieambtenaren en personen die actief zijn op het terrein, deelgenomen aan deze studiedag om een beter begrip te krijgen van alle facetten van het eergerelateerd geweld en de inhoud van de nieuwe omzendbrief (COL 6/2017) van strafrechtelijk beleid te ontdekken.

Tijdens het eerste deel werden de context en de realiteit op het terrein gedetailleerd geschetst aan de hand van tussenkomsten en uitvoerige, aangrijpende en leerrijke getuigenissen. Na een inleiding door Christian De Valkeneer, procureur-generaal te Luik, heeft Marijke Weewauters, diensthoofd van het federaal steunpunt “Gendergeweld” van het IGVM, het raamwerk uitgeklaard, waarbij de Belgische en de Europese beleidsoriëntaties ter zake werden voorgesteld. Aissatou Diallo, vrijwilligster bij de vzw GAMS in België, heeft als eerste getuigd over haar ervaringen als slachtoffer en vrijwilligster. Riet Verstraeten van de politiezone Brussel-Hoofdstad Elsene, heeft vervolgens haar expertise hieromtrent toegelicht. France Blanmailland, advocate en voormalig voorzitster van de Hoge Raad voor de Justitie (HRJ), herinnerde aan het schrijnende verhaal van de moord op Sadia Sheikh en besprak de hieruit getrokken conclusies.

Gily Coene, professor aan de VUB en directrice van het centrum RHEA, en Els Leye, professor bij het International Centre for Reproductive Health, UGent & RHEA-VUB, stelden de resultaten voor van een kwalitatief onderzoek van de UGent en de VUB om het eergerelateerd geweld wetenschappelijker te omkaderen.

De studiedag werd voortgezet met opvallende bijdragen van Dr. Martin Caillet, geneesheer bij het departement Gynaecologie-Verloskunde van het UMC Sint-Pieter te Brussel, en vroedvrouw Fabienne Richard, die ons via onvergetelijke beelden op de hoogte hebben gebracht van de medische en psychologische aspecten van de vrouwelijke genitale verminkingen.

De ochtend werd afgesloten met de vervolgingservaringen door Dr. Janine Janssen, hoofd Onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum (LEC) Eergerelateerd geweld in Nederland.

Na de lunchpauze, die het voor de deelnemers mogelijk heeft gemaakt om elkaar te ontmoeten en gedachten uit te wisselen over hun werkmethoden en ervaringen, berichtte François Bonnecarrere, substituut-procureur van de Republiek en adjunct-leidinggevende van de sectie Jeugd van het parket te Parijs, over de vervolgingservaringen in Frankrijk.

Vervolgens vertelde Sophie Wolf, substituut-procureur des Konings te Luik, hoe ze als magistraat op het terrein in België eergerelateerd geweld beleeft.

Na de uitwisseling van deze ervaringen woonden we een zeer verhelderende uiteenzetting bij van Johan Put, gewoon hoogleraar aan de KULeuven, over de vraagstukken in verband met het beroepsgeheim.

Na al deze waardevolle bijdragen, die het mogelijk hebben gemaakt zich een realistischer en vollediger beeld te vormen van het eergerelateerd geweld, hebben Maïté De Rue, substituut-procureur-generaal te Luik, en Isabelle Leclercq, beleidsadviseur bij de Steundienst van het openbaar ministerie, uitgebreid de nieuwe omzendbrief van strafrechtelijk beleid toegelicht, die in werking zal treden op 1 juni 2017.

Tot slot heeft Koen Geens, de minister van Justitie, zijn conclusies voorgesteld aan een tevreden publiek, dat voortaan zelf beter de gevallen van eerwraak zal kunnen vervolgen.

31/05/2017