Wat te doen als slachtoffer

U bent slachtoffer van een misdrijf.
Dit is een ingrijpende gebeurtenis en u stelt zich waarschijnlijk allerhande vragen: welke rechten heb ik?
Wat moet ik doen om een schadevergoeding te krijgen? Wie kan me helpen?

Als slachtoffer van een misdrijf is de politie meestal de eerste dienst waarmee u in contact komt. U hebt er belang bij om snel na de feiten aangifte te doen zodat de politie over precieze informatie kan beschikken en kan instaan voor de eerste opvang. De politie kan u ook doorverwijzen naar gespecialiseerde diensten als de dienst slachtofferonthaal van het justitiehuis en de dienst slachtofferhulp. De politie zal u verhoren om uw klacht op te nemen in een proces-verbaal (een PV). Tijdens het verhoor geeft u best zoveel mogelijk informatie, ook over die zaken die op het eerste zicht minder of niet belangrijk lijken. U hebt tijdens het verhoor een aantal rechten die ook gelden als u eventueel op een later tijdstip opnieuw zou worden verhoord.

 

 

Uw rechten als slachtoffer:

  • het recht om correct en zorgvuldig te worden behandeld door de politie en de gerechtelijke instanties
  • het recht om op gepaste tijdstippen informatie te krijgen over bijvoorbeeld het verloop van de procedure
  • het recht om informatie die u nuttig vindt te geven aan de bevoegde autoriteiten
  • het recht op bijstand door een advocaat. Een systeem van rechtsbijstand is voorzien
  • het recht op herstel van de schade die u hebt geleden door een misdrijf (materieel, lichamelijk, moreel of psychisch)
  • het recht op hulp door de diensten slachtofferhulp

 

De politie maakt in principe alle PV’s van klachten over aan de procureur des Konings die beslist welk gevolg hieraan wordt gegeven. Als hij dit noodzakelijk vindt, wordt er een onderzoek gestart. Voor bepaalde misdrijven en rekening houdend met de aard van de feiten en de omstandigheden van de zaak (bijvoorbeeld het ontbreken van een verdachte of van enig spoor van een verdachte), kan de politie uw klacht opnemen in een zogenaamd vereenvoudigd proces-verbaal (VPV). Dit VPV blijft op de politiedienst tot er eventueel nieuwe elementen zijn in de zaak zodat er verder onderzoek kan gebeuren. Als het parket de leiding heeft over het onderzoek spreken we over een opsporingsonderzoek. Het parket kan de zaak ook uit handen geven aan een onderzoeksrechter, met het oog op meer ingrijpende onderzoeksmaatregelen, zoals een huiszoeking of het uitvaardigen van een aanhoudingsbevel. In dat geval spreken we over een gerechtelijk onderzoek. In functie van de resultaten van het onderzoek, kan de procureur des Konings beslissen een minnelijke schikking of bemiddeling in strafzaken voor te stellen, de zaak te dagvaarden voor de strafrechter of beslissen om niet tot vervolging over te gaan. Voor meer informatie hierover klik hier en kies voor 'vervolging'.

Hoe als slachtoffer tussenkomen in de procedure? 

Als slachtoffer kan u een klacht neerleggen bij de politiediensten waarna u een attest van klachtneerlegging meekrijgt als bewijs van uw klacht. Ook kunnen u of uw advocaat op het secretariaat van het parket van de procureur des Konings een verklaring van benadeelde persoon neerleggen. Als benadeelde persoon wordt u op de hoogte gebracht van een seponering en de reden daarvan, het instellen van een gerechtelijk onderzoek of de vaststelling van een zittingsdag voor het onderzoeks- of vonnisgerecht.

Als benadeelde persoon wordt u op de hoogte gebracht van:

  • een seponering en de reden daarvan
  • het instellen van een gerechtelijk onderzoek
  • de vaststelling van een zittingsdag voor het onderzoeks- of vonnisgerecht
  • U kan ook elk document dat u nuttig lijkt aan het dossier laten toevoegen.

 

Als u een financiële vergoeding wil, kan u zich burgerlijke partij stellen. De burgerlijke partijstelling verleent u een aantal specifieke rechten in het kader van een gerechtelijk onderzoek en in het kader van de strafuitvoering. Hoe u hiervoor in het kader van een strafprocedure te werk dient te gaan, hangt af van of er al dan niet een strafvordering werd ingesteld. U kan ook een vordering instellen voor de burgerlijke rechter als u, om welke reden dan ook, niet bent tussengekomen in de strafprocedure. Ook als het parket de zaak heeft geseponeerd, is dit nog steeds mogelijk.

De procureur des Konings (na een opsporingsonderzoek) of het onderzoeksgerecht (na een gerechtelijk onderzoek) kan de verdachte naar de strafrechter verwijzen. De rechtbank zal, als zij de dader schuldig acht, een straf of een maatregel uitspreken en eventueel aan de burgerlijke partijen een schadevergoeding toekennen. Zij kan de dader ook vrijspreken, bijvoorbeeld wanneer zij de feiten niet bewezen acht. U kan hoger beroep instellen als de rechtbank uw vraag om schadevergoeding heeft afgewezen of als u het toegekende bedrag te laag vindt. U kan dus geen hoger beroep instellen omdat u niet akkoord bent met de opgelegde straf of omdat er vrijspraak is. Tegen een arrest van een hof van assisen kan geen hoger beroep worden ingesteld, maar enkel een voorziening voor het Hof van Cassatie.

In situaties waarbij de dader in de gevangenis zit en uw burgerlijke vordering ontvankelijk en gegrond is verklaard, kan u, in bepaalde gevallen, vragen om te worden geïnformeerd en/of te worden gehoord bij de procedure van de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit aan de veroordeelde (onder andere bij de toekenning van penitentiair verlof, beperkte detentie, elektronisch toezicht of voorwaardelijke invrijheidstelling). Anders kan u, onder bepaalde voorwaarden, vragen om als slachtoffer te worden erkend via een procedure voor de strafuitvoeringsrechter.

 

Meer informatie over wat u kan doen als slachtoffer