In het Peloton café van het Wielercentrum Ronde van Vlaanderen in Oudenaarde, waar vintage koerstruitjes aan de muur hangen, en de Molteni-wagen voor de deur herinnert aan het tijdperk van Eddy Merckx, ontmoeten we Geert Merchiers, procureur des Konings van parket Oost-Vlaanderen en voorzitter van de Raad van procureurs des Konings. Een sportman in hart en nieren, met een betrokkenheid voor mens en maatschappij, die gelooft in verbinding, dankbaarheid en de kracht van kleine gebaren.
We zitten in het Peloton café van het Wielercentrum Ronde van Vlaanderen in Oudenaarde. Wat maakt deze locatie zo bijzonder?
“Ik ben opgegroeid in Oudenaarde, een stad die koers ademt. Ik bezoek graag de tentoonstellingen in het Wielercentrum Ronde van Vlaanderen of kom iets drinken in het authentieke Peloton café dat in het centrum vervat zit, een plaats met heel wat cachet.”
Dit café is één en al wielernostalgie. Heb je zelf wielerherinneringen die je koestert?
“Begin april staat Oudenaarde telkens in het teken van de Ronde van Vlaanderen. De sfeer, de mensen, de adrenaline… dat is uniek. Eén aankomst blijft me bij: een aantal jaar geleden had ik na de finish de kans om kort te praten met de Italiaanse wielrenner Matteo Trentin. Sindsdien ben ik fan van hem (lacht). Ook de keren dat ik zelf de Ronde van Vlaanderen reed als wielertoerist zijn memorabel. De Bosberg oprijden en dat euforische gevoel beleven, alsof je net de Mont Blanc beklommen hebt. Fantastisch! Eens we op de fiets zitten, zijn we allemaal coureur, met de adrenaline die door onze aderen stroomt.”
Heeft het Openbaar Ministerie een rol tijdens de Ronde van Vlaanderen?
“Als Openbaar Ministerie zijn we aanwezig in ‘de rode cel’, het veiligheidsoverleg met alle veiligheidsdiensten: brandweer, ziekenhuizen, politie en het Openbaar Ministerie. De politie zorgt in eerste instantie voor de beveiliging. Onze rol is er op het ogenblik dat zich een incident voordoet met een strafrechtelijke connotatie, waarbij we dan ter plaatse alle instructies kunnen geven die nodig zijn.”
“Tijdens het werk kunnen we op de dag van de Ronde ook wel eens proeven van de sfeer. Het jaar toen Nick Nuyens de Ronde van Vlaanderen won en de aankomst nog in Ninove was, kreeg ik de kans om vanuit mijn rol als magistraat mee te vliegen met de helikopter van de politie. Die helikopter vliegt voor de koers uit om te zorgen dat alles veilig verloopt en er bijvoorbeeld geen wagens meer op het parcours staan of er geen olievlekken op de weg zijn. Een unieke ervaring, al werd ik snel misselijk door de onverwachtse bewegingen van de helikopter (lacht).”
Hoe belangrijk is sport in jouw leven?
“Sport is altijd een constante geweest in mijn leven. Van kinds af aan heb ik gesport: tennis, padel, fietsen… het helpt me ontspannen en evenwicht te vinden naast het werk. Als het tijd is om te sporten, stopt het werk even. Dat zeg ik ook tegen mijn collega’s. Vooraf wordt afgesproken dat de vergadering bijvoorbeeld tot 17u30 duurt en dat het daarna tijd is voor mijn sportmoment. Het is niet dat we daardoor de focus verliezen, het geeft net energie en ruimte in het hoofd. Sporten is ook meer dan competitie, het geeft de mogelijkheid om sociale contacten te onderhouden.”
Neem je die visie mee naar je parket?
“Binnen ons parket zijn verbinding en contact cruciaal. Parket Oost-Vlaanderen telt drie afdelingen: Gent, Oudenaarde en Dendermonde. In tijden van thuiswerk, is het belangrijk dat mensen elkaar niet enkel kennen via de telefoon of de computer. We organiseren daarom verschillende momenten waarop iedereen fysiek aanwezig is of zorgen voor teambuildings. Die echte connectie is zeer belangrijk en versterkt de samenwerking.”
Helpt sport ook om zware dossiers te verwerken?
“Als magistraat kom je dagelijks in aanraking met zware dossiers en maalt er veel door je hoofd. Je moet die zaken een plaats kunnen geven en verwerkt krijgen. Ik kan makkelijk afstand nemen van het werk en goed loslaten. Sport en het sociale aspect helpen daarbij. Ik ben niet de persoon die op zaterdagavond uitgaat en het een goede nacht vond als ik om vijf uur ’s ochtends thuiskom. Dat is niets voor mij. Sporten of een etentje met vrienden of familie is voor mij voldoende om te deconnecteren.”
Deconnecteren is hét jaarthema bij parket Oost-Vlaanderen. Hoe pakken jullie dit aan?
“Er wordt veel van onze mensen verwacht: cijfers, doorlooptijden, de kwaliteit van het werk dat afgeleverd moet worden... Deconnecteren is dan ook nodig. Soms proberen mensen te deconnecteren, maar blijft het maar draaien in het hoofd. We bekijken dan hoe we onze collega’s daarin kunnen begeleiden of helpen. Er is geen standaardformule die voor iedereen werkt. Je hebt mensen die heel sterk de controle willen houden en zich slecht voelen als ze niet met het werk bezig zijn. Iedereen heeft zijn eigen manier om te deconnecteren en om te gaan met de zwaarte van het werk. Sommigen praten thuis met hun partner, anderen zoeken rust in de tuin of op de fiets. Dat moet je respecteren.”
Je toont veel menselijkheid in je aanpak.
“Ik geloof in onze opdracht. We moeten niet als machines door dossiers gaan, maar proberen begrijpen waarom iemand in de fout gaat. Verdraagzaamheid is daarbij essentieel. Samen oplossingen zoeken voor problemen die zich stellen, doelstellingen bepalen en die proberen te behalen. Dat is wat ik doorheen mijn carrière altijd verrijkend heb gevonden. Veel mensen zien bijvoorbeeld op tegen vergaderingen, ik niet. In mijn agenda zitten er gemakkelijk tien of twaalf vergaderingen per week. Ik doe dat graag, door de sterke betrokkenheid die we hebben op mens en maatschappij. Want dat is toch wat ons drijft hé.”
Hoe merk je dat je mee het verschil kan maken voor mens en maatschappij?
“Een tijdje terug ontmoette ik een man in Oudenaarde die mij vertelde dat hij ooit bij mij was moeten komen voor ‘bemiddeling en maatregelen’. Hij moest een alcoholtherapie volgen om zijn alcoholproblematiek onder controle te krijgen. Hij vertelde: ‘doordat jullie mij op een menselijke manier benaderd hebben, ben ik zachter en verdraagzamer geworden naar mijn omgeving toe en ben ik terug op het juiste pad geraakt’. Dat vond ik zo mooi. Verdraagzaamheid en menselijkheid zaai je ook uit naar de rest van de maatschappij.”
Wat niet evident is vandaag.
“Nee, je altijd maar hard opstellen, maakt je gewoon hard als mens. Je ziet dat ook in de geopolitiek die we doorgetrokken zien in hoe mensen met elkaar omgaan in persoonlijke en professionele relaties. De man die ons kwam bedanken, is zijn getuigenis ook komen brengen op de korpsvergadering van ons parket. Hij wilde daarbij één ding: zijn mama meebrengen, omdat hij haar zoveel leed had aangedaan. Toen de man zijn verhaal deed, in aanwezigheid van ons volledige korps, gesteund door zijn mama, kon je een speld horen vallen in de zaal. Muisstil was het. Zo sterk kwam die getuigenis binnen.”
Het toont ook dat het tij kan keren.
“Zijn leven is inderdaad in een goede plooi gevallen. Dat resultaat doet deugd. Ik probeer collega’s te tonen dat wat wij doen ongelofelijk maatwerk is. We realiseren heel veel zaken, maar je krijgt daarvoor zelden (positieve) feedback. We krijgen doorgaans de negatieve feedback. In onze sector is dat ook niet abnormaal. Slachtoffers hebben het over de traagheid van Justitie en verdachten bedanken ons niet als ze een straf hebben gekregen.”
Maar jullie gedrevenheid blijft?
“Tuurlijk, die gedrevenheid zal er altijd zijn. Je moet ook enthousiast blijven en geloven dat je met de juiste dingen bezig bent. Ik geloof ook in de jonge mensen. De jonge krachten in onze entiteiten zijn de toekomst. Als (toekomstig) magistraat moet je gedreven zijn, maar ook menselijk en integer. Naast natuurlijk de nodige juridische competenties hebben en in teamverband kunnen werken. Kan die persoon functioneren in de omgeving waarin hij terechtkomt, kan hij omgaan met instructies geven aan de politie, kan hij een wachtdienst aan? Al die factoren zijn belangrijk.”
Jullie staan ook met de voeten in de realiteit.
“Magistraten zijn doorgaans realistische mensen, met de twee voeten op de grond. We zien wat er leeft in de maatschappij. Geduld is ook belangrijk, zeker in de samenwerking met mensen en de projecten waar je mee bezig bent. Niet alles kan meteen gerealiseerd zijn na een vergadering.”
Wat heb je over jezelf geleerd tijdens je loopbaan?
“Dat je voor je ideeën moet staan. In het begin van je carrière ben je soms nog wat zoekend en afwachtend. Naarmate de ervaring met de jaren opgebouwd wordt, kan men de ideeën en standpunten ook meer gefundeerd naar voor brengen. Met de jaren stijgt ook de kennis over jezelf. Je wordt je bewuster van je sterktes en zwaktes."
Waar kijk je naar uit de komende jaren?
“Mijn job als procureur des Konings bij parket Oost-Vlaanderen zal mijn allicht laatste opdracht zijn binnen Justitie. Professioneel wielrenner zal ik niet meer worden (lacht), maar als je mij vraagt wat ik zou willen doen indien ik geen magistraat zou zijn, dan zou dat burgemeester zijn. Mijn insteek bij alles in mijn leven is mens en maatschappij. Alles wat ik graag doe, draait om mensen. Een rol als burgemeester lijkt mij dan ideaal. De burgemeester van Wortegem-Petegem heeft al aangegeven dat ik in zijn plaats mag komen (lacht).
“Daarnaast is er ook nog mijn familie. The most important thing. De directe uitstekende gezins- en familiebanden zijn het allerbelangrijkste. Het geluk rondom ons kunnen zien en ervaren, maakt mij ook gelukkig.
Je bent een tevreden man?
“Ik ben tevreden zoals het nu is. Als ik zou denken dat er nog van alles moét veranderen, betekent het dat er nu iets ontbreekt. Ik ben een gelukkig en dankbaar man. De dankbaarheid heb ik geleerd van mijn mama. Dankbaar zijn voor wat er is als sleutel naar een gelukkig bestaan."
Voor je burgemeester wordt: hoe wil je herinnerd worden?
“Als een integer mens. Iemand met geduld, die gelooft in samenwerking en in de kracht van menselijkheid. Dat is de stempel die ik hoop te hebben gedrukt, zowel als magistraat, als procureur des Konings en als voorzitter van de Raad van procureurs des Konings.”