Corona-inbreuken: het College van procureurs-generaal pleit voor wettelijke, rechtvaardige en doeltreffende strafmaatregelen

Het College is de mening toegedaan dat de lokale initiatieven waarbij de inbreuken op het ministerieel besluit van 23 maart 2020 aan de hand van administratieve geldboetes worden bestraft, in strijd zijn met de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

In de huidige stand van het recht kunnen de inbreuken op het voornoemde ministerieel besluit enkel strafrechtelijk worden afgehandeld.

Het College is overigens van mening dat de strafrechtelijke weg de meeste garanties op een uniforme, zekere, rechtvaardige en coherente beteugeling van deze inbreuken biedt. Het College van procureurs-generaal heeft vandaag haar bezorgdheid hierover in een brief aan de minister van Justitie uitgedrukt.

Op 25 maart 2020 heeft het College van procureurs-generaal een bindende omzendbrief inzake het strafrechtelijk beleid aangenomen over de opsporing en vervolging van inbreuken op het ministerieel besluit van 23 maart 2020 zoals gewijzigd door het ministerieel besluit van 24 maart 2020.  Het is de bedoeling van deze richtlijnen om te komen tot een strikte toepassing van de maatregelen ter bestrijding van de verspreiding van het coronavirus COVID-19. Met als uitgangspunt een coherente en uniforme aanpak , spitst de strafrechtelijke reactie zich toe op drie grote beginselen: de systematische verbalisering van elke inbreuk, de overhandiging of toezending van een voorstel tot minnelijke schikking reeds bij  de eerste vaststelling, en vervolgingen in geval van nieuwe vaststellingen of niet-betaling van het voorstel tot minnelijke schikking.